Koninklijke INretail vraagt kabinet en Tweede Kamer om vóór de behandeling van het Belastingplan 2027 de totale gevolgen van alle maatregelen voor retail ondernemers in beeld te brengen en formuleert vier eisen.
“Breng vóór de behandeling van het Belastingplan 2027 het totale effect van alle maatregelen op retail ondernemers in beeld. Dat is de oproep van Koninklijke INretail aan het kabinet en de Tweede Kamer. Nieuwe lasten mogen niet steeds afzonderlijk worden beoordeeld, want uiteindelijk gaat het om de optelsom. Hogere werkgeverspremies, een hoger minimumjeugdloon, het verdwijnen van fiscale regelingen en nieuwe kosten bij ziekte en ontslag komen gelijktijdig op ondernemers af. Tijdens de politieke onderhandelingen over de begroting kunnen daar bovendien nog andere belasting-, premie- en lastenverhogingen bijkomen.”
“De toekomst van Nederland vraagt om investeringen en soms ook om offers”, zegt Jan Meerman van Koninklijke INretail. “Retailondernemers zijn bereid daaraan bij te dragen als dat ons land sterker, veiliger en welvarender maakt. Maar het houdt een keer op. Wie steeds nieuwe lasten toevoegt zonder naar het totaal te kijken, maakt ondernemen niet alleen moeilijker, maar ook steeds minder aantrekkelijk. Er zit nu eenmaal geen anderhalve liter in een literfles. De politiek moet daarom eerst laten zien wat ondernemers samen al betalen en wat de gevolgen zijn voor banen, investeringen, prijzen en winkelgebieden.”
De rekening loopt op
“Volgens de uitgelekte begrotingsplannen trekt het kabinet €1,5 miljard uit voor koopkrachtverbetering. Ook worden geplande bezuinigingen op de sociale zekerheid verzacht of uitgesteld. Omdat het kabinet verder wil praten met werkgevers en vakbonden, blijft de vraag actueel welk deel van de rekening uiteindelijk bij werkgevers terechtkomt.”
“Een belangrijke lastenverzwaring is al aangekondigd. Het kabinet wil de premie voor het Arbeidsongeschiktheidsfonds verhogen als invulling van de vrijheidsbijdrage van bedrijven. Daarmee moet in 2027 circa €1,5 miljard extra worden opgehaald en vanaf 2028 structureel ongeveer €1,7 miljard.”
“Ook de premies voor de Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten en de Ziektewet stijgen in 2027. De gemiddelde gedifferentieerde WGA-premie stijgt naar 1,07 procent en de gemiddelde Ziektewetpremie naar 0,60 procent. De werkelijke gevolgen verschillen per werkgever. In een arbeidsintensieve sector als de retail werkt iedere premiestijging echter rechtstreeks door in de kosten.”
“Het gaat daarbij niet om één op zichzelf staande maatregel. Ondernemers worden geconfronteerd met een opeenstapeling van hogere loonkosten, premies, belastingen, energieheffingen en administratieve verplichtingen. Iedere afzonderlijke maatregel kan op papier beperkt lijken, maar de gezamenlijke rekening bepaalt of ondernemers nog kunnen investeren, mensen kunnen aannemen en vestigingen open kunnen houden.”
Meer loonkosten en minder fiscale ruimte
“Het kabinet verhoogt per 1 januari 2027 het minimumjeugdloon voor jongeren van 16 tot en met 20 jaar. Ook het loon voor jongeren in de beroepsbegeleidende leerweg wordt verhoogd. Dat raakt de retailsector, waar veel jongeren hun eerste werkervaring opdoen.”
“Koninklijke INretail onderkent dat jongeren een eerlijke beloning verdienen. Maar zonder een goede overgang en compensatie kan de verhoging leiden tot minder bijbanen en leerwerkplekken, meer automatisering en hogere prijzen. Ondernemers kunnen een forse stijging van de loonkosten niet eenvoudig binnen hun bestaande bedrijfsvoering opvangen.”
Afschaffen personeelskorting dramatische maatregel
“Het kabinet wil daarnaast per 1 januari 2027 de gerichte belastingvrijstelling voor personeelskorting op branche-eigen producten afschaffen. Werkgevers kunnen de korting dan alleen nog belastingvrij aanbieden als daarvoor voldoende vrije ruimte resteert binnen de werkkostenregeling. Die ruimte wordt vaak al gebruikt voor bijvoorbeeld een kerstpakket, personeelsfeest of andere arbeidsvoorwaarden. Werkgevers moeten dan de korting beperken, andere arbeidsvoorwaarden schrappen of belasting betalen over de overschrijding.”
“Koninklijke INretail noemt het verdwijnen van deze vrijstelling een dramatische maatregel. Personeelskorting is geen ingewikkeld fiscaal voordeel, maar een herkenbare en gewaardeerde arbeidsvoorwaarde die medewerkers bindt aan het bedrijf en de branche. De maatregel miskent bovendien de dagelijkse praktijk van een arbeidsintensieve sector die juist alles op alles moet zetten om voldoende mensen te vinden en te behouden.”
“Dit lijkt bedacht vanuit een boekhoudkundige werkelijkheid, niet vanuit de werkelijkheid op de werkvloer”, aldus Jan Meerman. “Wat als vereenvoudiging wordt verkocht, betekent voor ondernemers hogere lasten of minder ruimte om hun medewerkers iets extra’s te bieden. Goed werkgeverschap wordt hiermee niet eenvoudiger, maar juist moeilijker gemaakt.”
“Ook wil het kabinet vanaf 2027 stoppen met de compensatie van transitievergoedingen na twee jaar ziekte. Als het wetsvoorstel wordt aangenomen, hebben werkgevers eerst twee jaar loon- en re-integratiekosten betaald en moeten zij daarna ook zelf de volledige transitievergoeding betalen. Eén langdurig zieke werknemer kan een onderneming daardoor voor een groot financieel risico plaatsen. Bij ondernemingen met veel medewerkers kunnen de kosten zich opstapelen tot hoge structurele bedragen.”
Wat komt er nog bij?
“De begroting voor 2027 is nog niet definitief. Na Prinsjesdag moet het kabinet steun zoeken voor zijn plannen. Wensen om bezuinigingen terug te draaien, de koopkracht verder te verbeteren of extra geld uit te trekken, moeten financieel worden gedekt.”
“Koninklijke INretail waarschuwt dat daarbij opnieuw naar ondernemers kan worden gekeken. Werkgeverspremies, fiscale ondernemersregelingen, energieheffingen en nieuwe administratieve verplichtingen kunnen tijdens de onderhandelingen weer in beeld komen. Ook andere algemene lastenverhogingen kunnen boven op de al aangekondigde maatregelen terechtkomen.”
“Daarbij moeten kabinet en Tweede Kamer ook nadrukkelijk rekening houden met grenseffecten. Hogere lasten en prijzen houden niet op bij de landsgrens. Retailondernemers concurreren met aanbieders in omringende landen en met buitenlandse onlineplatforms. Beleidsmaatregelen moeten daarom niet alleen afzonderlijk, maar ook op hun gezamenlijke gevolgen voor de Nederlandse concurrentiepositie worden beoordeeld.”
“Koninklijke INretail vraagt kabinet en Tweede Kamer te voorkomen dat nieuwe maatregelen boven op de aangekondigde lasten worden gestapeld. Een beperkte verhoging op papier kan samen met alle andere maatregelen grote gevolgen hebben voor de dagelijkse praktijk. Het kabinet moet daarom niet alleen de opbrengst van een maatregel berekenen, maar ook laten zien wat het totale pakket betekent voor ondernemerschap, werkgelegenheid, investeringen en winkelgebieden.”
De gevolgen raken de hele retailsector
“Hogere premies, stijgende loonkosten en nieuwe verplichtingen raken de hele retailsector. De manier waarop de gevolgen zichtbaar worden, verschilt per onderneming. Bij de ene onderneming staat de liquiditeit direct onder druk. Bij een andere onderneming lopen relatief beperkte kostenstijgingen, vermenigvuldigd over veel medewerkers en vestigingen, op tot hoge structurele bedragen.”
“Daarmee vervalt de kunstmatige tegenstelling tussen grote en kleinere ondernemingen. Iedere retailer moet rekenen. Iedere ondernemer moet beslissen of er nog ruimte is voor nieuwe medewerkers, verduurzaming, digitalisering, vernieuwing van de formule of uitbreiding van een vestiging. En iedere ondernemer is uiteindelijk ook een mens die thuis afweegt welke uitgaven nog verantwoord zijn, tot en met de contributie van de sportvereniging van zijn of haar kind.”
“De retailsector kan hogere kosten niet onbeperkt zelf dragen. Uiteindelijk worden de gevolgen zichtbaar in hogere prijzen, minder banen en leerwerkplekken, uitgestelde investeringen of het verdwijnen van vestigingen.”
“Dit gaat niet over anonieme bedrijven met een bodemloze kas”, zegt Jan Meerman. “Het gaat over mensen die risico nemen, medewerkers aan werk helpen en iedere maand opnieuw moeten zorgen dat de rekening klopt. Als de politiek die werkelijkheid onvoldoende ziet, neemt niet alleen de investeringsruimte af, maar groeit ook het wantrouwen. Ondernemers moeten erop kunnen vertrouwen dat de overheid keuzes maakt op basis van het hele verhaal en niet alleen op basis van de volgende begrotingsregel.”
Zonder retail geen vitale binnensteden en dorpscentra
“De retail biedt werk aan bijna 900.000 mensen en is daarmee een van de grootste werkgevers van Nederland. Voor veel jongeren, herintreders en mensen die extra ondersteuning nodig hebben, vormt de sector een toegangspoort tot de arbeidsmarkt.”
“Retail is bovendien veel meer dan de verkoop van producten. Ondernemers zorgen voor levendige binnensteden, aantrekkelijke dorpscentra en veilige winkelgebieden. Een winkelstraat met actieve ondernemers trekt bezoekers, ondersteunt horeca en cultuur en vergroot de leefbaarheid. Wanneer retail ondernemers verdwijnen, verliest een gebied niet alleen omzet en werkgelegenheid. Ook ontmoeting, veiligheid, voorzieningen en aantrekkingskracht nemen af. Zonder sterke retail zijn er uiteindelijk geen vitale binnensteden en dorpscentra.”
“Dat perspectief moet volgens Koninklijke INretail worden meegewogen bij iedere lastenverhoging. Een begrotingsmaatregel die op korte termijn geld oplevert, kan op langere termijn banen, investeringen en aantrekkelijke winkelgebieden kosten.”
Offers eerlijk verdelen
“Koninklijke INretail ziet dat investeringen nodig zijn in economische groei, veiligheid, defensie, woningbouw en energie-infrastructuur. Retailondernemers zijn bereid daaraan bij te dragen. Die bereidheid kan echter alleen blijven bestaan als lasten evenwichtig worden verdeeld en de politiek inzichtelijk maakt waarom bepaalde keuzes nodig zijn.”
“Dat vraagt ook iets van de overheid. Zij moet scherper kiezen, onnodige uitgaven beperken en regels eenvoudiger maken. Politieke partijen moeten bij nieuwe wensen direct aangeven wie de rekening betaalt. Wanneer retail ondernemers extra bijdragen, moet daar een beter ondernemingsklimaat tegenover staan, met minder regeldruk, voldoende investeringsruimte en langdurig betrouwbaar beleid.”
“Maak ondernemen niet nog minder leuk”, zegt Jan Meerman. “Nederland heeft mensen nodig die initiatief nemen, risico dragen en voor werkgelegenheid zorgen. Als zij bij iedere begroting opnieuw de sluitpost zijn, tast dat het vertrouwen aan. Kritiek leveren is daarom niet hetzelfde als weigeren bij te dragen. Wij vragen om redelijke keuzes, een eerlijke verdeling en politiek die oog houdt voor de mensen achter de ondernemingen.”
Vier eisen aan kabinet en Tweede Kamer
Koninklijke INretail vraagt het kabinet en de Tweede Kamer daarom om:
- Vóór de behandeling van het Belastingplan 2027 de totale lastenstijging voor retail ondernemers openbaar te maken, inclusief belastingen, premies, loonkosten, algemene lastenverhogingen en regeldruk;
- De gevolgen van het totale pakket te berekenen voor verschillende typen retail ondernemingen, zonder maatregelen uitsluitend afzonderlijk te beoordelen;
- Bij de beoordeling ook de grenseffecten en de concurrentie met buitenlandse aanbieders en onlineplatforms mee te wegen;
- Geen nieuwe lasten toe te voegen zonder een volledige ondernemers effectentoets en onvermijdelijke lasten te compenseren met minder regeldruk, meer investeringsruimte en gericht beleid voor arbeidsintensieve sectoren.
“Koninklijke INretail zal ieder voorstel beoordelen op de gevolgen voor ondernemers, medewerkers en winkelgebieden”, besluit Jan Meerman. “Wij steunen maatregelen die Nederland structureel sterker maken. Maar wij accepteren niet dat werkgevers stap voor stap meer betalen zonder dat iemand naar de totale rekening kijkt. Het houdt een keer op. Wij knokken voor een sterke retailsector, omdat Nederland niet zonder ondernemers, werkgelegenheid en vitale winkelgebieden kan.”
