Duitse meubelindustrie wil werkbare invulling Europese Ecodesignverordening
De Duitse meubelindustrie wil actief betrokken blijven bij de verdere uitwerking van de Europese Ecodesignverordening (ESPR). Tijdens een gezamenlijke bestuursvergadering van de brancheverenigingen voor de Duitse gestoffeerde meubel- en woonmeubelindustrie (VdDP/VdDW) bij de 3C Gruppe benadrukten de organisaties dat zij de duurzaamheidsdoelstellingen van de Europese regelgeving ondersteunen, maar tegelijkertijd aandringen op een praktische en proportionele uitvoering.
Volgens brancheorganisatie die möbelindustrie zal de ESPR de meubelsector de komende jaren ingrijpend beïnvloeden. Vooral voor producenten van zit- en woonmeubelen is het van belang dat nieuwe verplichtingen uitvoerbaar blijven en niet leiden tot onnodige administratieve lasten.
Branchemanager Jan Kurth stelde dat de verenigingen zich vroegtijdig en intensief zullen mengen in het verdere wetgevingsproces. “Het doel is om de bureaucratische belasting voor bedrijven zo beperkt mogelijk te houden en tegelijkertijd het concurrentievermogen van de sector veilig te stellen,” aldus Kurth.
Ook VdDP-voorzitter Leo Lübke onderstreepte dat duurzaamheid binnen de meubelindustrie al jarenlang onderdeel is van de dagelijkse praktijk. Volgens hem is het daarom essentieel dat nieuwe Europese regels aansluiten bij de realiteit van de bedrijven en ondernemingen niet afremmen in hun ontwikkeling.
De oproep komt op een moment waarop de Duitse meubelindustrie kampt met moeilijke marktomstandigheden. De sector heeft te maken met dalende omzetten en terughoudende orderintakes. De brancheorganisaties wijzen daarom op het belang van stabiele randvoorwaarden en politieke impulsen, onder meer om de woningbouwmarkt nieuw leven in te blazen.

Wat houdt de Europese ESPR-verordening in?
De Europese Ecodesign for Sustainable Products Regulation (ESPR) is een nieuwe EU-verordening die duurzame productontwikkeling moet stimuleren. De regels gaan geleidelijk gelden voor uiteenlopende productgroepen, waaronder meubels. Fabrikanten krijgen te maken met eisen rond circulariteit, repareerbaarheid, materiaalgebruik, energieverbruik en productinformatie. Ook de introductie van een digitaal productpaspoort maakt deel uit van de plannen. Daarmee moet gedurende de hele levenscyclus van een product inzicht ontstaan in gebruikte materialen en milieuprestaties. De Europese Commissie wil met de ESPR de overgang naar een circulaire economie versnellen en tegelijkertijd de afhankelijkheid van primaire grondstoffen verminderen. Voor de meubelindustrie betekent dit ingrijpende aanpassingen in ontwerp, productie en administratie.

