‘VOOR BEDRIJFS- OPVOLGING MOET JE JE OGEN NIET SLUITEN’

Na 88 jaar geen opvolger voor De Schakel Wonen & Slapen

Mascha Hoogeveen

Er zijn veel familiebedrijven in de woonbranche en bij alle bedrijven speelt de vraag wie het bedrijf uiteindelijk moet voortzetten een rol. Volgens Mascha Hoogeveen, verbonden aan het Tilburg Instituut voor Familiebedrijven van Tilburg University, is dat iets om zorgvuldig mee om te gaan. Bedrijfsopvolging is volgens haar een proces waarvoor jaren nodig kunnen zijn. Hoe lastig het kan zijn om een onderneming daadwerkelijk voort te zetten, weten Lambert en Monique Bruin-Kapitein. Zij stonden jarenlang aan het roer van De Schakel Wonen & Slapen in Den Helder. De winkel bestond 88 jaar, maar toch lukte het uiteindelijk niet om een opvolger te vinden.

Tekst: Bas Hakker

Hoogeveen houdt zich bezig met bedrijfsopvolging en ziet dat ondernemers soms lang wachten voordat ze serieus over hun vertrek nadenken. Dat is begrijpelijk, zegt ze. Ondernemers zijn juist gewend om vooruit te kijken en ervan uit te gaan dat het bedrijf doorgaat. ‘Sommige ondernemers kunnen bijna denken dat ze onsterfelijk zijn, maar voor bedrijfsopvolging moet je je ogen niet sluiten.’ Een ondernemer krijgt immers op enig moment altijd te maken met de vraag wie het stokje overneemt. Dat hoeft bovendien allang niet meer automatisch een zoon of dochter te zijn. Waar vroeger vaak bijna vanzelfsprekend naar de oudste zoon werd gekeken, maken kinderen tegenwoordig veel bewuster hun eigen keuzes of denken ouders; moeten we hen dit wel aandoen? ‘Je groeit op in zo’n familiebedrijf en iedereen om je heen kan al denken: dat wordt straks de baas’, zegt Hoogeveen. ‘Maar dat hoeft natuurlijk helemaal niet zo te zijn.’ Kinderen kiezen hun eigen opleiding en carrière en hebben niet vanzelfsprekend dezelfde ambities als hun ouders. Bovendien is familie zijn nog geen bewijs dat iemand geschikt is om een onderneming te leiden.

Volgens Hoogeveen zouden familiebedrijven daar juist zakelijk naar moeten durven kijken. ‘Waarom zou iemand uit de familie automatisch geschikt zijn? Je hebt bepaalde kwaliteiten nodig. Als je iemand binnen de familie als mogelijke opvolger ziet, moet je daar professioneel mee omgaan.’ Dat betekent bijvoorbeeld dat potentiële opvolgers een opleiding volgen, ervaring opdoen bij andere ondernemingen of een assessment krijgen. Juist enige tijd buiten het eigen familiebedrijf werken kan waardevol zijn. Ook hoeft niet ieder familielid uiteindelijk dezelfde rol te krijgen. De ene persoon kan goed zijn in strategie, de andere in innovatie of financiën. ‘Je moet aansluiten bij wat iemand wil en kan’, zegt Hoogeveen. ‘Iemand hoeft niet precies hetzelfde type leider te zijn als degene die er nu zit.

FAMILIE EN BEDRIJF

Daarmee raakt zij aan een belangrijk punt bij familiebedrijven: bedrijf en familie lopen door elkaar. Zakelijk gezien zou een onderneming zoveel mogelijk rationele beslissingen moeten nemen, maar binnen een familie spelen altijd emoties mee. ‘Het bedrijf is rationeel, maar omdat de familie erbij betrokken is, wordt het per definitie ook emotioneel.’ Dat wordt bijvoorbeeld zichtbaar wanneer meerdere kinderen bij het bedrijf betrokken zijn. Als één van hen wordt aangewezen als toekomstige directeur, kan dat ook iets doen met de verhouding binnen de familie. Daarom adviseert Hoogeveen familiebedrijven om het gesprek aan te gaan voordat de concrete opvolgingsvraag speelt. Grotere familiebedrijven leggen zulke uitgangspunten soms vast in een familiestatuut. Daarin kan bijvoorbeeld worden afgesproken wie binnen de familie in de onderneming mag werken, welke opleiding of ervaring daarvoor nodig is en aan welke eisen een toekomstige directeur moet voldoen. ‘Wie vroeg begint, creëert ruimte om een opvolger zorgvuldig voor te bereiden, verwachtingen binnen de familie uit te spreken, fiscale en juridische keuzes te optimaliseren en de continuïteit van het bedrijf te bewaken.’ Kort gezegd: vroeg beginnen geeft meer keuzevrijheid, minder druk en een grotere kans op een succesvolle overdracht aan de volgende generatie.

Daarbij is het volgens Hoogeveen belangrijk om onderscheid te maken tussen opvolging in eigendom en in leiding. Een familiebedrijf hoeft niet per se door een familielid geleid te worden om een familiebedrijf te blijven. De dagelijkse leiding kan in handen zijn van een externe directeur, terwijl eigendom en zeggenschap binnen de familie blijven. ‘Je kunt het eigendom binnen de familie houden en een CEO van buiten aantrekken. Dan heb je dus geen opvolging in leiding, maar blijft het bedrijf wel in familiehanden.’ Ook verkoop is uiteindelijk een mogelijkheid. Er is niet één standaardoplossing. Juist daarom is het belangrijk om vroeg te beginnen en verschillende scenario’s te bespreken. Bovendien moet een vertrekkende ondernemer de nieuwe generatie werkelijk de ruimte geven om op te volgen. Formeel afscheid nemen maar vervolgens iedere dag op kantoor blijven zitten, werkt zelden goed. Medewerkers weten dan niet meer bij wie ze moeten zijn en de nieuwe directeur krijgt onvoldoende kans om een eigen stijl te ontwikkelen. ‘Je kunt wel zeggen dat je bent gestopt, maar als je vervolgens achter hetzelfde bureau blijft zitten, is dat voor een opvolger heel lastig.’ Opvolging gaat daarmee veel verder dan het ondertekenen van een koopakte of het overdragen van aandelen. Het vraagt gesprekken over rollen, verwachtingen, kwaliteiten, eigendom, leiderschap en afscheid nemen.

Volgens Hoogeveen is juist het traject vóór de daadwerkelijke overdracht het ingewikkeldst maar ook het noodzakelijkst. ‘Als je alles eenmaal goed hebt besproken, in kaart hebt gebracht en voorbereid, is die uiteindelijke overdracht niet het moeilijkste. Het meeste werk zit in alles wat daarvoor gebeurt.’ Bij De Schakel Wonen & Slapen van Lambert en Monique Bruin-Kapitein lukte het niet om een opvolger te vinden terwijl de winkel 88 jaar bestond. Voor Monique was het ooit overigens helemaal niet vanzelfsprekend dat zij zelf in het familiebedrijf zou stappen. Toen haar ouders de mogelijkheid kregen om verschillende activiteiten samen te voegen in een groter pand, vroegen ze haar of zij interesse had in de toekomst van de zaak. ‘Als ik het wilde overnemen, zouden ze die stap maken. Zo niet, dan zouden ze blijven zitten waar ze zaten. Ik heb er even over nagedacht en toen dacht ik: dat lijkt me toch wel wat.’ Ze kreeg er geen spijt van. Vooral het contact met klanten beviel haar goed. Later kwam Lambert erbij, die zelf eveneens uit een familie van drie generaties woninginrichters komt. Na 17 jaar heeft hij zijn eigen bedrijf verkocht en is bij het bedrijf van Monique en haar ouders gekomen. Samen maakten Lambert en Monique verschillende economische golven mee. De woonbranche beweegt sterk mee met de economie, maar juist in mindere tijden moet je als ondernemer volgens Lambert rustig blijven. ‘Je weet dat je goede jaren hebt en wat slechtere jaren. Daar leer je mee omgaan. Je moet niet te zenuwachtig worden, want er komen uiteindelijk weer betere tijden.’ Dat bleek bijvoorbeeld rond 2017. De markt was op dat moment wat minder, maar in plaats van voorzichtig af te wachten, besloten ze fors in hun winkel te investeren. De zaak werd grondig verbouwd en gemoderniseerd.

MASCHA HOOGEVEEN: ‘HET BEDRIJF IS RATIONEEL, MAAR DOOR DE FAMILIE WORDT HET EMOTIONEEL.’

Lambert en Monique Bruin-Kapitein.

 

GOUDEN ZET

‘Achteraf is dat een gouden zet geweest’, zegt Lambert. Volgens Monique stond er een goed bedrijf met een moderne winkel Toen de markt weer aantrok, profiteerde De Schakel van die investering. Daardoor doet het extra pijn dat er uiteindelijk geen opvolger kwam.. ‘We hadden een supermooie winkel. Iemand had er eigenlijk zo in gekund.’ De winkel beschikte over ruim 4000 vierkante meter met diverse stijlen meubelen, een grote slaapafdeling van 1100 vierkante meter en een kleine afdeling woningtextiel. Ook had De Schakel een sterke naam in de regio. Binnen de familie was er geen nieuwe generatie die de onderneming kon voortzetten want de dochter van Lambert koos haar eigen weg. Lambert begrijpt dat goed. ‘Zij heeft ook gezien dat wij zestig, zeventig uur per week werkten. Als ondernemer komt er ontzettend veel op je bord. Met haar vriend hebben zij goede banen en iedere maand komt het salaris binnen en als ondernemer begin je iedere maandag weer op nul.’ Daar komt volgens hem bij dat ondernemen door regelgeving en personeelstekorten in de loop der jaren ingewikkelder is geworden. Vooral langdurige ziekte onder medewerkers kan voor een relatief kleine ondernemer zwaar wegen. Werk blijft liggen en gespecialiseerde medewerkers zijn niet zomaar te vervangen.

Toen duidelijk werd dat opvolging binnen de familie er niet in zat, gingen Lambert en Monique op zoek naar andere mogelijkheden. Ze voerden gesprekken en benaderden bedrijven die mogelijk belangstelling hadden voor een overname of een extra vestiging in Den Helder. Dat leverde uiteindelijk niets op. Sommige bedrijven vonden Den Helder te ver weg, andere hadden net ergens anders geïnvesteerd of zagen om andere redenen af van een overname. Lambert en Monique vonden wel dat ze relatief veel zelf moesten uitzoeken. ‘De begeleiding vonden we behoorlijk tegenvallen. Uiteindelijk hebben we zelf een beetje het wiel uitgevonden door bedrijven te gaan benaderen.’ Daarbij liepen ze tegen een bekend probleem aan: je moet bekendmaken dat een bedrijf beschikbaar is, maar tegelijkertijd wil je niet dat overal het verhaal rondgaat dat de onderneming gaat stoppen. ‘Je wil het niet aan de grote klok hangen’, zegt Monique. ‘Een gerucht gaat zomaar rond en je wilt niet dat het je personeel bereikt. Maar je wil tegelijkertijd wel dat de juiste mensen weten dat er een mogelijkheid ligt en dat is een koord waarop je moet dansen.’ Achteraf zien ze vooral het belang van actief zoeken. Lambert: ‘Als je gaat zitten wachten tot iemand komt, dan weet je eigenlijk al dat het niet lukt.’ Uiteindelijk besloten ze zelf een punt achter De Schakel te zetten. Inmiddels is het personeel vertrokken en kan de onderneming niet meer simpelweg onder dezelfde naam worden voortgezet.

Het pand op de meubelboulevard is nog wel interessant voor een andere woonondernemer of formule. Dat het bedrijf stopte, betekent niet dat Lambert en Monique met negatieve gevoelens op hun ondernemersleven terugkijken. Integendeel. Het trouwe en gezellige team van personeelsleden en het helpen van klanten blijft iets waar Monique met plezier aan denkt. ‘Als ik met collega’s over het vak praat, dan kriebelt het nog steeds. Het was gewoon leuk om klanten te helpen. Je maakt mensen blij en je maakt iets moois van hun huis.’ Ze stopten dan ook niet omdat ze klaar waren met het vak. Het was vooral een bewuste keuze om op een moment dat ze dat nog zelf konden bepalen afscheid te nemen. ‘We zijn niet gestopt omdat we het niet leuk vonden’, zegt Monique. ‘We hebben het op deze manier op een goede manier kunnen afsluiten.’

‘ZIJ HEEFT GEZIEN DAT WE ZESTIG, ZEVENTIG UUR WERKEN’

 

Copyright
© 2026 Business Content Media Den Haag. Niets uit dit artikel of deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm, elektronisch,  op geluidsband of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever Business Content Media/Vakblad Interior Business Magazine.

Dit artikel is verschenen in Vakblad Interior Business Magazine. Nog geen abonnement of wilt u een abonnement cadeau geven? Mail naar linda@businesscontentmedia.nl voor de meest recente aanbieding.