Duitse meubeluitvoer stabiliseert in 2025 op niveau van vorig jaar

BAD HONNEF/HERFORD – 24 februari 2026 – De Duitse meubelindustrie heeft haar export in 2025 weten te stabiliseren. Volgens de voorlopige buitenlandse handelsstatistiek van het Duitse Statistische Bundesamt bereikten de meubeluitvoeren een waarde van circa 8,2 miljard euro. Daarmee bleef de export nagenoeg op het niveau van 2024 (plus 0,1 procent), na eerdere dalingen in 2023 en 2024.

“Juist gezien de huidige zwakte van onze thuismarkt zijn wij dringend aangewezen op stabiliteit in het buitenland,” aldus Jan Kurth, directeur van de Verbände der Deutschen Möbelindustrie. Tegelijkertijd waarschuwt hij dat het internationale speelveld uitdagend blijft. “De recente onrust rond de Amerikaanse importheffingen laat zien hoe kwetsbaar de markt is.”

Europa: stabiel beeld met zuidelijke groei

Frankrijk bleef in 2025 met circa 1,3 miljard euro de belangrijkste afzetmarkt voor Duits meubilair, op vrijwel hetzelfde niveau als een jaar eerder. De export naar Zwitserland groeide met 3,5 procent tot ongeveer 1,2 miljard euro.

Daarentegen noteerden verschillende andere Europese markten lichte tot matige dalingen. De uitvoer naar Oostenrijk en het Verenigd Koninkrijk daalde beide met 4,8 procent. In Nederland bleef de terugval beperkt tot 0,8 procent, terwijl België 0,3 procent minder afnam.

Positief ontwikkelden zich vooral Italië en Spanje. De export naar Italië steeg met 9,3 procent, die naar Spanje zelfs met 7,7 procent. In Spanje zorgt de bloeiende woningbouw voor een toenemende vraag naar interieurinrichting, wat de Duitse meubelindustrie duidelijk in de kaart speelt.

Verenigde Staten: druk door importheffingen

De Verenigde Staten, de tiende exportmarkt voor ‘Made in Germany’-meubelen, lieten een daling zien van bijna 6 procent tot 238 miljoen euro. Vooral de Duitse keukenmeubelindustrie kreeg te maken met de gevolgen van het Amerikaanse douanebeleid. Dit segment zag de export met 17 procent teruglopen tot 41,5 miljoen euro.

“De Amerikaanse invoerheffingen maken onze producten niet alleen duurder op de Amerikaanse markt, maar zorgen ook voor grote onzekerheid bij alle betrokken partijen,” stelt Kurth. Hij pleit daarom voor snelle ratificatie van het handelsakkoord tussen de EU en de VS door het Europees Parlement, om zo voor stabielere randvoorwaarden te zorgen.

Op middellange termijn ziet de branche overigens aanzienlijke groeikansen in de Verenigde Staten. De gezamenlijke Duitse presentatie op de keukenbeurs KBIS in Orlando, Florida, kreeg volgens Kurth recent een bijzonder positieve respons.

Buiten Europa: wisselend beeld, kansen in de Golfregio

Op andere niet-Europese markten was het beeld verdeeld. De export naar China daalde met circa 30 procent. Daarentegen groeiden de leveringen aan Saudi-Arabië met 13 procent en aan de Verenigde Arabische Emiraten zelfs met 22 procent.

“In de Golfregio rekenen onze fabrikanten op stevige groeimpulsen,” aldus Kurth. De dynamiek in deze markten biedt volgens hem reële kansen voor Duitse kwaliteitsproducenten.

Import stijgt fors, China en Polen aan kop

Tegelijkertijd nam de meubelinvoer in Duitsland in 2025 aanzienlijk toe. De import steeg met 10,3 procent tot circa 10,7 miljard euro. China bleef het belangrijkste herkomstland en vergrootte zijn leveringen met 9,3 procent tot 3,1 miljard euro.

Volgens Kurth speelt ook hier de Amerikaanse douanepolitiek een rol. “Chinese meubelfabrikanten overspoelen de Europese markt met producten die zij door de Amerikaanse invoerheffingen niet langer in de Verenigde Staten kunnen afzetten.” Dit leidt tot extra prijsdruk op de Duitse markt.

Met een aandeel van 29,5 procent in de totale Duitse meubelimport ligt China nipt voor Polen, dat een aandeel van 29 procent vertegenwoordigt.

Vooruitblik: lichte opleving verwacht

Voor 2026 rekent Kurth op een verdere, zij het bescheiden, verbetering van de export. In het vierde kwartaal van 2025 was al een eerste opleving zichtbaar. In totaal realiseerde de Duitse meubelindustrie afgelopen jaar 34 procent van haar omzet buiten de landsgrenzen.

De buitenlandse handelsstatistiek van het Statistische Bundesamt omvat het volledige grensoverschrijdende goederenverkeer van Duitsland. Daarin zijn ook omzetcijfers van handels- en distributiebedrijven opgenomen. In de omzetstatistiek van de sector worden daarentegen uitsluitend de directe uitvoer van in Duitsland geproduceerde meubelen door Duitse fabrikanten meegerekend.

Omzetdaling

Vorige week bracht het Verbond Deutsche Möbelindustrie naar buiten dat de Duitse meubelindustrie in 2025 voor het derde jaar op rij met een omzetdaling te maken had. Volgens voorlopige cijfers kwam de totale omzet uit op 15,8 miljard euro, een min van 3,4 procent ten opzichte van 2024. Vooral de binnenlandse markt stond onder druk: de omzet in Duitsland daalde met 4,4 procent tot 10,4 miljard euro. In het buitenland bleef de terugval beperkter, met een daling van 1,2 procent tot 5,4 miljard euro.

De brancheorganisatie wijst op het zwakke consumentenvertrouwen en de al jaren teruglopende woningbouw als belangrijkste oorzaken. Een derde van de bedrijven overweegt in het eerste kwartaal gebruik te maken van werktijdverkorting om de vraagdip op te vangen. Tegelijkertijd klinkt er kritiek op het economische beleid en het uitblijven van een samenhangende langetermijnvisie.

Ook de Amerikaanse importheffingen drukken op de sector: zij remmen de export naar de VS én vergroten de prijsdruk in Europa doordat Chinese producenten hun goederen omleiden.

Voor 2026 is het sentiment voorzichtig optimistisch. De sector verwacht minimaal een stabilisatie op het niveau van 2025, met mogelijk een lichte groei in de tweede helft van het jaar.